Oudfrans
| Oudfrans Ancien français | ||||
|---|---|---|---|---|
| Gesproken in | Noord-Frankrijk, delen van België, Zwitserland | |||
| Uitgestorven in | In de 14e eeuw ontwikkeld tot Middelfrans | |||
| Taalfamilie | ||||
| Alfabet | Latijns alfabet | |||
| Taalcodes | ||||
| ISO 639-2 | fro | |||
| ISO 639-3 | fro | |||
| ||||
Het Oudfrans is het Frans zoals dat in het noorden van Frankrijk gesproken werd van de 9e tot de 14e eeuw. Het heeft zich via het Middelfrans ontwikkeld tot het Nieuwfrans, dat door keizer Napoleon Bonaparte tot standaardtaal werd verheven voor internationale betrekkingen, wetgeving, bestuur, rechtspraak en postbezorging in de gebieden waar hij heerste, daaronder de Lage Landen. In wat nu Frankrijk is drong het Nieuwfrans door in literatuur en media. Het Oudfrans is samen met enkele nauw verwante talen zoals het Waals en Picardisch rechtstreeks voortgekomen uit de langues d'oïl.
Oorsprong
[bewerken | brontekst bewerken]Latijn
[bewerken | brontekst bewerken]De geschiedenis van het Oudfrans begon toen het zuiden van Gallië onder Romeinse bezetting kwam. In 118 v.Chr. werd de eerste belangrijke Romeinse nederzetting in die streek gesticht in Narbonne, de latere hoofdstad van Gallia Narbonensis en het Latijn als algemene taal voor wetgeving en bestuur werd ingevoerd. De soldaten spraken Volks- of vulgair Latijn.
In de tijd van Plautus (ca. 250-184 v.Chr.) was de fonologische structuur van het klassieke Latijn al behoorlijk veranderd; dit leidde uiteindelijk tot het vulgair latijn. Dit was de voorloper van alle Romaanse talen, inclusief het Oudfrans.